Transkript anzeigen Abspielen Pausieren

Blick unter die Decke der Waschkaue mit Kauenkörben, in denen Bergarbeiterkleidung liegt. Foto: Florian Monheim, Krefeld

Geen gouden jaren

Werk en vrije tijd in de regio

Sinds de jaren twintig van de vorige eeuw bestaat er in de Ruhr-mijnbouw een gestructureerde opleiding. Deze maakte deel uit van een nieuw sociaal beleid van de ondernemers: de nieuwe generatie mijnwerkers moest systematisch worden opgeleid en door een aantrekkelijk vrijetijdsaanbod ook na het werk aan de mijn worden gebonden, oftewel in de „bedrijfsgemeenschap“ worden geïntegreerd.

De tentoonstelling ‘Keine Herrenjahre’ reconstrueert met originele expositiestukken uit onder andere de leerwerkplaats, de vakschool en het leergebied de verschillende fasen van de opleiding.

Het gaat daarbij om het dagelijkse werk van de jonge starters, hun levensomstandigheden in de kolonie, in het leerlingentehuis en in het Pestalozzidorp, evenals om hun vrijetijdsbelangen in het spanningsveld van bedrijfsmaatschappelijk beleid, arbeiderscultuur en moderne vrijetijdsindustrie. De tentoonstelling schetst bovendien de verschillende pedagogische en culturele invloeden waarmee de jonge mijnwerkers te maken hadden en laat zien hoe ze daarmee omgingen, waar en in hoeverre ze hun cultuur en geschiedenis zelf vormgaven.

Schoon en gezond

Hygiëne en gezondheidszorg in de mijnbouw in het Ruhrgebied

Toilettenhäuschen mit geöffneter Tür.

Toen de wasruimte van de Zollern-mijn werd gebouwd, waren kleed- en wasruimtes voor de mijnwerkers in de mijnen van het Ruhrgebied al gemeengoed geworden. De badkuipen, waarin alle leden van een ploeg moesten stappen als ze zich wilden wassen en die een broeinest waren voor tal van infectieziekten, behoorden bijna tot het verleden. De inrichting van de kleedkamer van Zollern voldeed aan de normen van die tijd: een kleedruimte met een doucherij en haken waaraan de mijnwerkers hun kleding aan het plafond konden ophangen. Na de Tweede Wereldoorlog werden de douches verplaatst naar een bijgebouw en ontstond er een nieuwe kleedruimte, waar alleen nog de straatkleding hing.

De tentoonstelling “Schoon en gezond” schetst aan de hand van de inrichting van de kleedkamer de geschiedenis van deze ruimte en plaatst deze in de bredere context van de geschiedenis van de hygiëne. Aan de hand van beeld- en geluidsdocumenten stelt de tentoonstelling de mensen voor die in de kleedkamer werkten en er gebruik van maakten: de kleedkamerbeheerder, die de ruimte schoonhield, en de mijnwerkers, voor wie de kleedkamer ook een belangrijke plek van communicatie was. Ook de vrouwen van de mijnwerkers, die tot 1969 de werkkleding van de mijnwerkers moesten wassen en onderhouden, komen aan bod. Daarnaast worden medische apparaten uit de eigen gezondheidscentra van de mijn getoond.

Explosiegevaar

Mijnredding en testfaciliteiten

Het werk in de mijnbouw brengt talrijke gevaren met zich mee. Naast de dagelijkse arbeidsongevallen doen zich steeds weer mijnrampen voor die een groot aantal slachtoffers eisen. Sinds het midden van de 19e eeuw is niet alleen de productie gestegen, maar ook het aantal explosies onder de grond. Bij de winning van steenkool komt methaan vrij, dat in een bepaalde concentratie met lucht explosief wordt en dan het zogenaamde mijngas vormt. Kolenstof is eveneens een potentiële explosiebron.
 
De meest verwoestende ongelukken ontstaan door gecombineerde mijngas- en kolenstofexplosies, die zich over honderden meters door de mijngangen kunnen verspreiden. De tentoonstelling belicht de specifieke ongevallenrisico's in de mijnbouw en herdenkt de zware mijnrampen in het Ruhrgebied. In een nagebouwde oefenruimte maakt de tentoonstelling de bezoekers aan de hand van oefen- en reddingsapparatuur vertrouwd met het werk van de mijnreddingsdienst en eert hun inzet en prestaties. Met modellen, proefopstellingen en testobjecten uit de Dortmunder proefmijn Tremonia en de mijnbouwproeftunnel Derne worden bovendien de succesvolle inspanningen ter verbetering van de mijnveiligheid getoond.

Ik had een kameraad

Dodelijke ongevallen in de mijnbouw

Deze tentoonstelling belicht aan de hand van de dodelijke arbeidsongevallen in de Zollern-mijn een van de moeilijkste hoofdstukken uit de geschiedenis van de mijnbouw. Ze documenteert de 161 dodelijke ongevallen in de Zollern II/IV-mijn.

Het chronologische overzicht van de dodelijke ongevallen in Zollern laat zien welke ongevallen typisch waren, hoe vaak ze voorkwamen en hoe ze in de loop van de tijd veranderden. De tentoonstelling brengt de bezoekers op indringende en bijna brutale wijze de werkprocessen en de bedrijfsgeschiedenis vanuit een ongekend perspectief dichterbij.

De tentoonstellingsruimte is met slechts enkele objecten ingericht. Daardoor oogt deze sober en tot de essentie teruggebracht. Aan de muur is een eenvoudige gedenksteen bevestigd, die door de Bergbau-Berufsgenossenschaft Bochum als permanente bruikleen ter beschikking is gesteld. De aan „de doden“ gewijde steen hing vroeger in de foyer van de coöperatie.

3D-rondleiding (Eschenbach Media)